
|

|

|
Fenomenen van
een doormetalisering:

Legend
1) Plating Void
2) Wedge Void
3) Plating Crack/Barrel
Crack negative
4) Foil Crack
5) Burned Plating
6) Delamination
7) Delamination Pink Ring
8) Blistering
9) Crazing/Measling
10) Laminate Void
11) Prepreg Void |
12)
Gap/Resin Recession Innerlayer
13)
Stress Crack
14)
Resin Crack
15)
Fibrebundle Crack
16)
Drilling Crack
17)
Lifted Land Crack
18)
Pad Lifting
19)
Pad Rotation
20)
Pull Away
21)
Resin Recession
22)
Wicking |
23)
Glassfibre Protrusion
24)
Burr
25)
Nodule
26)
Resin Smear
27)
D-Effect
28)
Etchback
29)
Etchback Positive
30)
Shadowing
31)
Nail Heading
32)
Arrow Heading
A) Undercut
B) Outgrowth
C) Overhang |
Plating
void
Een
onderbreking in de koper-plating. Dit kan leiden tot elektrische
onderbrekingen.
Ook plaatselijk dun
galvanisch koper
wordt soms als plating void beoordeeld.
Wedge
void
Soort
plating void ten gevolge van pink ring (wedge = wig)
Foil
crack
Scheur
in het basiskoper van een binnen- of buitenlaag ten gevolge van
thermische of
mechanische belasting.
Burned
plating
Verbrand
koper, ruw, dof, bros galvanisch koper, ten gevolge van verkeerde
stroomdichtheid of
afwijkende concentratie
van het glansmiddel .
Delamination
Loslaten van
twee lagen.
Delamination
pink ring Delaminatie
ten gevolgen van pink ring (loopt vanaf de gatwand)
Blistering Loslaten
tussen twee lagen met daarbij een plaatselijke zwelling aan het
oppervlak.
Crazing Toestand
waarbij de glasbundels hebben losgelaten van de hars op de
kruisingen
van
glasbundels. Oorzaak: meestal mechanische belasting.
Measling
Toestand
waarbij de glabundels hebben losgelaten van elkaar op de
kruisingen van
de
glasbundels.
Laminate
void
De afwezigheid
van hars of adhesive in een gedeelte waar dit wel behoort te zitten.
Prepreg
void
Luchtbellen
in de prepreg.
Gab
/ Resin
recession Opening
tussen chemisch koper en de gatwand ontstaan, na het onderwerpen aan
hoge
temperatuur, door het terugtrekken van het basismateriaal. Mogelijk
veroorzaakt
doordat het basismateriaal nog niet geheel was uitgehard.
Stress
crack Scheur
in
de hars (meestal bij een glasbundel), ten gevolge van thermische
belasting.
(Cracks in de hars lopen min of meer vertikaal langs de gatwand).
Resin
crack
Crack in
hars, meestal aan het printplaat oppervlak, ten gelvolge van thermische
belasting. (de cracks lopen
min of meer
horizontaal)
Fibrebundle
crack
Crack in
de glasbundel.
Drilling
cracks
Cracks
die ontstaan aan de gatwand tijdens het boren en die het
basismateriaal,
het
epoxy en/of de glasbundels indringen.
Lifted
land/pad crack
Crack
in epoxy ontstaan vlak onder een lifted land/pad ten gevolgen van een
lifted
land/pad.
Pad
lifting
Zie
lifted land/pad.
Pad
rotation
Een soort
lifted land/pad. Het spotje staat omhoog, maar zit niet los. (pad
rotation
wordt in
sommige specs beoordeeld als lifted land/pad) Pad rotation
wordt
veroorzaakt
door de uitzetting van de printplaat in de Z-richting ten
gevolgen
van
thermische belasting.
Pull
away
Het
loslaten van chemisch koper aan gatwand.
Resin
recession
Opening
tussen chemisch koper en de gatwand ontstaan, na het onderwerpen aan
hoge
temperatuur, door het terugtrekken van het basismateriaal. Mogelijk
veroorzaakt
doordat het basismateriaal nog niet geheel was uitgehard.
Wicking
Capillaire
absorptie van vloeistof langs de glasvezels van het basismateriaal. Dit
heeft
indringdiepte to gevolg. Indringdiepte is het indringen van koper langs
de
glasvezels.
Glasfibre
protrusion
Uitstekende
glasbundels in de glaswand. Wanneer hierdoor de galvanische
koperdikte
te dun
wordt, kan dit beoordeeld worden als een plating void.
Burrs
Bramen.
Verbreding of verhoging van de aansluiting van een buitenlaag aan de
gatwand;
wordt veroorzaakt door het boren, het schuren en/of het borstelen kan
een braam
in de gatwand terecht komen waardoor de einddiameter wordt
beïnvloed.
Nodules
Knobbels
in de plating. Deze worden veroorzaakt door verontreinigingen die
ingesloten
worden in de plating.
Resin
smear Versmeerde
hars over de gatwand ten gevolge van boren. Smear over de
aansluiting
van de
binnenlagen bij het eindproduct kan tot afkeur leiden.
D-effect
Loslaten
van chemisch koper van de aansluiting van het basis koper, binnen- en
buitenlagen. Heeft de vorm van een
“D”;
ontstaat
direct na doormetalliseren.
Het is
een bepaalde
vorm van post seperation.
Etchback
Proces
waarbij niet metallisch materiaal van de gatwand wordt
weg-geëtst tot een
bepaalde
diepte. Dit word gedaan om de aansluitingen van de binnenlagen
smear-vrij te
maken en om eventueel een positieve etchback te krijgen.
Etchback
positive
Uitstekende
binnenlagen in de gatwand. Dit wordt bereikt door middel van plasma
etsen.
Shadowing
Ontstaat
tijdens “back-etchen”. Wanneer de hars grenzend aan
de binnen- of
buitenlagen
niet wordt weggeëtst, terwijl dit in de rest van de gatwand
wel gebeurt.
Nail
heading
Spijkerkoppen.
Verbreding van de aansluiting van een binnenlaag aan de gatwand.
Wordt
veroorzaakt door het boren.
Arrow
Heading
Versmalling van
de aansluiting van een binnenlaag aan de gatwand; wordt
veroorzaakt
door
aanetsen bij doormetaliseren.
Undercut
Aan een
zijde van een geleider, de afstand van de uiterste koperpunt tot het
maximale
punt van indringing in de geleider, gemeten evenwijdig aan het
printoppervlak.
Outgrowth
De
hoeveelheid plating die over de resist is gegroeid (aan een kant van de
geleider)
en daardoor de
geleiderbreedte vergroot.
Overhang
De
som van outgrowth en undercut.
|
|
|
|